door Karen | aug 11, 2023 | A1 niveau, A2 niveau, grammatica, lidwoord, lidwoorden, naamvallen, spel, Tips
Om de Griekse naamvallen toe te kunnen passen, moet je weten of een zelfstandig naamwoord, mannelijk, vrouwelijk, of onzijdig is. In dit blog oefen je met het kiezen van het juiste lidwoord/geslacht en krijg je tips voor het herkennen van het juiste Griekse lidwoord.
door Karen | jul 3, 2023 | A2 niveau, woorden leren, zinnen leren
Mooi woord: ευγνώμων = dankbaar. En verwante woorden.
door Karen | jul 2, 2023 | A2 niveau, B1 niveau, woorden leren
Het woord βιώνω en aanverwante woorden. Wist je dat het woord bioscoop ook van Griekse oorsprong is?
door Karen | apr 22, 2023 | A0 niveau, A1 niveau, A2 niveau, VakantieGrieks, video, woorden leren
Beide woorden betekenen alstublieft. Wanneer gebruik je oríste en wanneer parakaló?
door Karen | apr 20, 2023 | A2 niveau, lidwoorden, naamvallen, spel
Oefen de bepaalde lidwoorden en de naamvallen.
door Karen | nov 11, 2022 | A2 niveau, grammatica, meervoud, oefening, spel
Oefen de verschillende meervoudsvormen in dit spel. Let vooral op het geslacht en op de uitgang van het zelfstandig naamwoord.
door Karen | nov 11, 2022 | A2 niveau, spel, woorden leren, woordenzoeker
Zoek de 15 woorden voor leuke hobby’s in de woordenzoeker met behulp van de plaatjes en de uitgesproken woorden.
door Karen | okt 3, 2022 | A1 niveau, A2 niveau, bijvoeglijk naamwoord, grammatica, oefening, spel
In Griekenland worden er voortdurend mooie wensen geuit. Voor iedere gelegenheid is er een wens. Daarvoor wordt vaak het bijvoeglijk naamwoord καλός gebruikt. Aangezien dit bijvoeglijk naamwoord verandert met het bijbehorende zelfstandig naamwoord, is de vorm telkens anders. In dit spel oefen je met de juiste vorm van het bijvoeglijk naamwoord.
door Karen | aug 21, 2022 | A2 niveau, naamvallen
Oefen de Griekse naamvallen met dit spel. Herken de lidwoorden en de uitgangen en kies welke naamval je ziet.
door Karen | nov 15, 2021 | A2 niveau, aoristos, spel, werkwoorden
Oefenen met de aoristos en de daarvan afgeleide vormen van de korte toekomende tijd en de aanvoegende wijs. Bij welk hoofdwerkwoord horen ze?